|
|
Tewerkstelling van studenten tijdens de zomervakantie
Misschien denkt u eraan om in de zomervakantie een beroep te doen op de hulp van een aantal studenten. In onderstaande bijdrage vindt u een overzicht van de belangrijkste aspecten waar u in dit geval moet mee rekening houden.
Leeftijd student
Studentenarbeid is mogelijk vanaf de leeftijd 15 jaar, op voorwaarde dat de student de eerste 2 jaren van het lager secundair onderwijs achter de rug heeft. Indien niet aan deze voorwaarde is voldaan, geldt als minimumleeftijd 16 jaar.
Schriftelijke studentenovereenkomst en Dimona
Indien u studenten tewerkstelt, volstaat het niet om een gewone arbeidsovereenkomst af te sluiten. Een specifieke schriftelijke studentenovereenkomst, dewelke een aantal verplichte vermeldingen dient te bevatten (een model van dergelijke studentenovereenkomst vindt u in bijlage), moet worden opgemaakt en ondertekend uiterlijk op het ogenblik van indiensttreding.
Net zoals voor reguliere werknemers, dient er voor studenten ook een Dimona-aangifte[1] te gebeuren. Uiterlijk op het moment waarop de student begint te werken, dient u een Dimona-aangifte te doen.
Gelieve er rekening mee te houden dat voor studenten bij de aangifte van de datum van indiensttreding ook reeds de datum van het einde van de arbeidsovereenkomst en tevens de plaats van tewerkstelling (indien anders dan maatschappelijke zetel) moet worden meegedeeld.
Een exemplaar van de overeenkomst moet bijgehouden worden op de plaats waar de student tewerkgesteld is en gedurende 5 jaar bewaard worden.
Let wel:
Studenten die reeds meer dan 6 maanden ononderbroken bij een werkgever werken (b.v. ook tijdens het schooljaar), worden beschouwd als gewone werknemers en kunnen niet meer tewerkgesteld worden met een studentenovereenkomst.
Ontvangstbewijs arbeidsreglement
Aan iedere werknemer dient een kopie van het arbeidsreglement overhandigd te worden. Ook een student moet een exemplaar hiervan krijgen. De werkgever is echter verplicht de student een ontvangstbewijs hiervan te laten tekenen.
Sancties
Ingeval geen schriftelijke arbeidsovereenkomst werd opgemaakt, ingeval de overeenkomst niet alle gegevens bevat of indien geen Dimona-aangifte is gebeurd, kan de student op elk ogenblik de arbeidsovereenkomst beëindigen zonder naleving van een opzeggingstermijn en zonder betaling van enige opzeggingsvergoeding.
In bepaalde gevallen riskeert de werkgever dat de studentenovereenkomst zal beschouwd worden als een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur, met name:
wanneer geen schriftelijke overeenkomst werd opgemaakt;
of wanneer de verplichte vermeldingen inzake de datum van het begin en van het einde van de uitvoering van de overeenkomst, het uurrooster of de verwijzing naar het toepasselijke uurrooster in het arbeidsreglement ontbreken.
Zulks betekent dat de werkgever zich dan ook niet zal kunnen beroepen op de specifieke opzeggingstermijnen voor studenten (zie verder) en bijgevolg de normale opzeggingstermijnen zal moeten naleven.
Het niet naleven van de wettelijke bepalingen inzake studentenovereenkomsten kan daarenboven aanleiding geven tot strafrechtelijke sancties of administratieve geldboeten.
Proeftijd
Een studentenovereenkomst kan een beding van proeftijd bevatten. Dergelijke proeftijd is minimum 7 en maximum 14 dagen. Tijdens de eerste 7 dagen van de proeftijd kan de overeenkomst enkel beëindigd worden mits betaling van een opzeggingsvergoeding die overeenstemt met het loon van het resterende gedeelte van de eerste 7 dagen of om dringende redenen (ingeval van zware fout). Vanaf de 8ste t.e.m. de 14de dag van de proeftijd kan de overeenkomst zonder opzegging en zonder enige vergoeding door elk van beide partijen worden beëindigd.
|
|
Beëindiging van de arbeidsovereenkomst na de proeftijd
In principe neemt de studentenovereenkomst automatisch een einde bij het verstrijken van de in de overeenkomst voorziene duur (belangrijk: een studentenovereenkomst is altijd een overeenkomst voor bepaalde tijd!).
Vóór het einde van de in de overeenkomst voorziene duur heeft elke partij daarentegen het recht om deze overeenkomst te beëindigen door opzegging ervan aan de andere partij. Na de eventuele proeftijd zijn volgende opzeggingstermijnen van toepassing :
Duur overeenkomst Opzegging door werkgever Opzegging door student
tot 1 maand 3 dagen 1 dag
meer dan 1 maand 7 dagen 3 dagen
Loon
Ook studenten zijn gerechtigd op een minimumloon.
De student moet als tegenprestatie voor zijn arbeid in beginsel minimum het loon ontvangen dat bepaald is voor het werk dat hij uitvoert binnen de sector.
In de sector van de tuinaanleg (PC 145.04) zijn geen specifieke lonen voor studenten-arbeiders voorzien, wel zijn afwijkingen voorzien voor jongeren. Zij ontvangen een loon dat een bepaald percentage vertegenwoordigd van het loon voorzien voor arbeiders (naargelang de categorie waartoe ze behoren). De percentages voor de jongere arbeiders zijn:
17 jaar: 85%
16 jaar: 70%
15 jaar: 55%
De jongeren vanaf 18 jaar ontvangen een baremaloon van 100%.
R.S.Z.
In principe zijn er voor de tewerkstelling van studenten normale R.S.Z.-bijdragen verschuldigd.
Uitzondering: een solidariteitsbijdrage is slechts verschuldigd voor studenten:
· die met een schriftelijke studentenovereenkomst maximum 23 arbeidsdagen tewerkgesteld worden gedurende juli, augustus en/of september;
De solidariteitsbijdrage bestaat uit een werkgevers- en een werknemersbijdrage: de patronale bijdrage (die dus bovenop het loon komt) bedraagt 5% en de werknemersbijdrage (die in mindering wordt gebracht van het brutoloon) 2,5%. Beide bijdragen worden berekend op het brutoloon aan 100%.
Voorbeeld:
Een student met een brutoloon van € 1.500, zal een nettoloon hebben van € 1.462,50 (€ 1.500 - 2,5% solidariteitsbijdrage), terwijl het de werkgever € 1.575 zal kosten (€ 1.500 + 5% solidariteitsbijdrage).
Bijkomende voorwaarden
ð maximum 23 arbeidsdagen in zomervakantie én maximum 23 arbeidsdagen daarbuiten
Sedert 1/10/2005 kunnen studenten ook buiten de zomervakantie (d.w.z. periode januari t.e.m. juni en oktober t.e.m. december) op een goedkopere wijze tewerkgesteld worden. Indien de tewerkstelling in voormelde periodes beperkt blijft tot 23 arbeidsdagen[2] (bij een of meerdere werkgevers), geldt er een vrijstelling van R.S.Z.-bijdragen en moet er ook slechts een solidariteitsbijdrage betaald worden van 8 % ten laste van de werkgever en 4,5 % ten laste van de student.
Opdat deze solidariteitsbijdrage tijdens deze periodes van toepassing zou zijn, moet er tevens op toegezien worden dat de student ook niet meer dan 23 arbeidsdagen werkt (bij een of meerdere werkgevers) tijdens de zomervakantie (d.w.z. periode juli-augustus-september)[3].
Van zodra één van beide grenzen (hetzij de 23-dagen grens in de zomervakantie, hetzij de 23-dagengrens daarbuiten) overschreden wordt, zal de solidariteitsbijdrage echter voor het gehele kalenderjaar niet meer van toepassing zijn en zullen derhalve normale R.S.Z.-bijdragen verschuldigd zijn (desgevallend met terugwerkende kracht). Het is wel zo dat enkel de werkgever waarbij de overschrijding van de limiet plaatsvindt gestraft wordt. Echter omgekeerd geldt dat indien de 23 arbeidsdagen reeds bij de eerste werkgever overschreden worden, er voor alle latere tewerkstellingen normale R.S.Z.-bijdragen verschuldigd zullen zijn.
Zie er m.a.w. op toe dat de student die u in de zomervakantie tewerkstelt nog niet meer dan 23 arbeidsdagen heeft gewerkt in de periode januari t.e.m. juni daaraan voorafgaand, en tevens niet meer dan 23 arbeidsdagen (bij u en bij andere werkgevers samen) in de zomervakantie prestaties verricht.
Fiscaliteit
ð bedrijfsvoorheffing
Gedurende het gehele kalenderjaar is de bezoldiging van de de student niet onderworpen aan de inhouding der bedrijfsvoorheffing indien hij slechts aan de solidariteitsbijdrage onderworpen is (in dit geval zal er dus geen belasting worden ingehouden op het loon van de student).
ð de student als persoon ten laste
De student die op 1 januari van het aanslagjaar (d.i. 2007 m.b.t. de inkomsten verkregen in 2006) deel uitmaakt van het gezin van zijn ouders, blijft in ieder geval ten laste van zijn ouders als zijn bruto-belastbare inkomsten in 2006 niet meer bedragen dan € 3.262,50 (netto-belastbaar € 2.610,00).
Dit bedrag wordt verhoogd voor studenten in een éénoudergezin (4.712,50 EUR bruto- belastbaar of 3.770,00 EUR netto-belastbaar) en gehandicapte studenten ten laste van een alleenstaande ouder (€ 5.975,00 bruto-belastbaar of € 4.780 netto-belastbaar).
Opmerking:
indien de student alimentatiegeld krijgt, moet 80% van het ontvangen bedrag meegeteld worden in de berekening voor het al dan niet fiscaal ten laste blijven. Ter compensatie hiervan worden de hierboven vermelde maximumgrenzen van de netto-belastbare bedragen verhoogd met € 2.610, 00
voor inkomsten o.g.v. een studentenovereenkomst worden de hierboven vermelde grenzen ook nog verhoogd met € 2.170,00
ð van belasting vrijgesteld inkomen
Het van belastingen vrijgesteld netto-belastbaar inkomen voor inkomstenjaar 2006 (aanslagjaar 2007) is vastgesteld op een bedrag van € 5.940. Indien het netto-belastbaar inkomen van de student in 2006 deze grens niet overschrijdt, zal hij geen belastingen verschuldigd zijn.
Kinderbijslag
De student die werkt, behoudt in de volgende gevallen zijn recht op kinderbijslag:
tot 31/8 van het jaar waarop de student 18 jaar wordt, is er een onvoorwaardelijk recht;
tijdens het 3e kwartaal (juli, augustus en september) gelden geen beperkingen, ongeacht het statuut van de student (werknemer of zelfstandige) en ongeacht het type arbeidsovereenkomst (studentenovereenkomst of gewone arbeidsovereenkomst;
tijdens het 1e, 2e en 4e kwartaal mag de student maximaal 240 uren per kwartaal werken, ongeacht zijn statuut (werknemer of zelfstandige) en ongeacht het type arbeidsovereenkomst (studentenovereenkomst of gewone arbeidsovereenkomst).
Arbeidsongevallenverzekering
De werkgever is verplicht voor de tewerkstelling van studenten een arbeidsongevallenverzekering af te sluiten (indien nog geen verzekeringsplichtig personeel in dienst is). Indien er al personeel in dienst is, hoeft er in beginsel geen uitbreiding te gebeuren van de arbeidsongevallenverzekering, doch voor alle zekerheid doet u er best aan dit eens na te vragen bij uw verzekeraar.
Verboden werkzaamheden – risicoanalyse - gezondheidstoezicht
Een aantal werkzaamheden zijn voor studenten en/of jongeren wettelijk verboden. Het betreft hier een aantal gevaarlijke werkzaamheden. Daarenboven is de werkgever er in bepaalde gevallen toe gehouden om een voorafgaande bijzondere risicoanalyse uit te voeren op basis waarvan dan de gepaste preventiemaatregelen moeten genomen worden en voor bepaalde jongeren moet de werkgever zorgen voor een passend gezondheidstoezicht
Rusttijden en Arbeidsduur voor jeugdige werknemers
Jeugdige werknemers (d.w.z. jonger dan 18 jaar) mogen niet meer dan 4 ½ uur ononderbroken arbeid verrichten. Wanneer de arbeidstijd op een dag meer dan 4 ½ bedraagt moet er een ½ uur rust gegeven worden. Bedraagt de arbeidsduur meer dan 6 uur, dan duurt de rusttijd 1 uur, waarvan ½ uur ineens moet worden opgenomen.
De arbeidsduur mag voor jeugdige werknemers ook niet meer bedragen dan 8 uur per dag en 38 uur per week (bij één of meerdere werkgevers). Overwerk is in beginsel verboden voor jeugdige werknemers.
Ondernemingen die nog geen personeel tewerkstellen en in de zomervakantie wensen over te gaan tot aanwervingen van studenten
Dergelijke ondernemingen zullen, alvorens over te gaan tot de aanwerving van de studenten, vooreerst een aantal initiële verplichtingen moeten vervullen die samengaan met het tewerkstellen van personeel (O.a. Aansluiting bij de R.S.Z., Externe Dienst Preventie en Bescherming op het Werk, Arbeidsongevallenverzekering, ...).
Voor al deze formaliteiten kan u bij Sofim terecht.
|
SOFIM SINT-NIKLAAS Knaptandstraat 204, 9100 Sint-Niklaas Tel: 03/760.14.50 Fax: 03/760.14.51 Email: sintniklaas@sofimov.be |
SOFIM GENT Lange Kruisstraat 7, 9000 Gent Tel: 09/235.49.11 Fax: 09/225.94.13 Email: gent@sofimov.be |
SOFIM EEKLO Stationsstraat 17, 9900 Eeklo Tel: 09/376.76.97 Fax: 09/378.57.82 Email: eeklo@sofimov.be |
[1] elektronische aangifte aan de R.S.Z. van de tewerkstelling
[2] dit enkel tijdens periodes van niet-verplichte aanwezigheid in de onderwijsinstellingen (er mag dus niet gewerkt worden op de momenten dat hij geacht wordt cursussen te volgen).
[3] tijdens de zomervakantie geldt een solidariteitsbijdrage van 5% ten laste van de werkgever en 2,50% ten laste van de student.
![]() |
![]() |
|
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
|
|
Your questions and comments on this website
are welcome at info@bfg-fbep.org
|